06/10/2015

Expo « Sarcophagi ».

“Sarcophagi. Onder de sterren van Noet”

 

Van 15 oktober 2015 tot 20 april 2016 pakt het Jubelparkmuseum uit met een grote tentoonstelling over Egyptische sarcofagen. U krijgt een exclusieve inkijk in het restauratieproces en een beeld van de evolutie van de funeraire rituelen in het Oude Egypte.

 

Eeuwigheid, opnieuw tot leven komen zoals Osiris, elke dag weer opkomen zoals de zon diegeboren wordt in de schoot van de hemelgodin Noet… De Oude Egyptenaren hadden hoge verwachtingen voor het leven na de dood!

 

De geheimen van de sarcofagen worden op de grote najaarstentoonstelling van het Jubelparkmuseum voor jong en oud uit de doeken gedaan. Tussen de mummiekisten, dodenmaskers en katten in windsels wordt bovendien een heus restauratielabo geïnstalleerd! Stuk voor stuk gaan de lijkkisten van de Thebaanse priesters uit de in 1891 ontdekte cachette van Deir el-Bahari door de handen van de Italiaanse specialisten. En u mag meekijken!

 

 

De twaalf uren van de nacht


De tentoonstelling is opgebouwd als een opeenvolging van de twaalf uren van de nacht waarin de zon haar reis aflegt op weg naar haar wedergeboorte die zich elke ochtend bij zonsopgang voltrekt. In elke zaal, of elk nachtelijk uur, staat een iconisch stuk centraal, gekozen omwille van zijn rijke religieuze, funeraire, historische of esthetische kwaliteit. In een eerste zaal wordt u als bezoeker ondergedompeld in de sfeer van een Egyptisch afscheidsritueel aan de hand van vier uitzonderlijke beeldjes van klaagvrouwen die de overledene bewenen. Het tweede uur toont wat met de dode werd meegegeven om hem of haar toegang te verschaffen tot het Rijk van Osiris. Vervolgens schetsen de volgende delen van de tentoonstelling de evolutie van de sarcofagen van de eenvoudige en niet gedecoreerde exemplaren uit de prehistorie en het Oude Rijk tot de rijk versierde sarcofagen uit latere perioden. Een zaal zal ook helemaal gewijd zijn aan de mummificatie in het Oude Egypte.

  

 

Live restauratie


Ouâbet - of 'zuivere plaats', noemden de Oude Egyptenaren hun mummificatiecentra. Kloppend hart van de tentoonstelling is het het restauratielabo waar experts van het Istituto Europeo del Restauro in Ischia (Italië) permanent zullen werken aan de restauratie van een tiental sarcofagen en mummieplanken afkomstig uit de Tweede Cachette van Deir el-Bahari en die ondertussen deel uitmaken van de collecties van het Jubelparkmuseum.

 

Het geheim van de sarcofagen


Hun geheim is veelzijdig. Zo werden ongeveer 2/3 van de tentoongestelde stukken nooit eerder getoond aan een ruim publiek. De archeologische avonturen die leidden tot de ontdekking van de sarcofagen worden toegelicht en u wordt als bezoeker ingewijd in de magische en mythologische betekenis van de sarcofagen waarin elke detail van de decoratie belang heeft. Het van op de eerste rij kunnen volgen van de restauratie in het pop-up labo onthult de geheimen van de fabricage van de sarcofagen.

 

Voor onze leden zullen rondleidingen in het Nederlands en het Frans georganiseerd worden. Tevens worden lezingen over aanverwante onderwerpen voorbereid.

Het definitieve activiteitenprogramma wordt zeer binnenkort bekendgemaakt.

 

29/09/2015

International conference archaeometallurgy@ Brussels Museum

 

Les 3 et 4 octobre, aux Musées Royaux d’Art et d’Histoire, dans le cadre du projet EACOM : 

 International Conference Archaeometallurgy @ Brussels Museum

Binnen het kader van het project EACOM vestigen wij de aandacht op de conferentie van 3 en 4 oktober, in de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis  

  

11/08/2015

Expérimentations en archéométallurgie - Experimenten in archeometallurgie

 

Dans le cadre du programme de recherche EACOM, nous organisons diverses séances expérimentales  en août et en septembre 2015.

  

Le dimanche 16 août

Le dimanche 16 sera dédié à la préparation des potées en terre et en cire, à la coulée de ciseaux en cuivre et à la fusion du cuivre grâce au four du Moyen Empire. Grâce aux expérimentations de 2014 et 2015, nous allons réutiliser le four de fusion afin de produire une grande quantité de ciseaux en cuivre. Ils seront martelés et puis utilisés pour tailler des pièces en bois. Ils seront également utilisés pour découper du cuivre et pour tailler de la pierre. Quant aux potées des Osiris, elles seront préparées et montées selon les données fournies par l'Université de Bonn - ägyptologie mit ägyptischem Museum Bonn.

  

Les week-ends des 5-6 et 12-13 Septembre, les dimanches 20 et 27 Septembre.

Le mois de septembre sera dédié exclusivement au décirage-cuisson des potées et ensuite à la coulée des Osiris avec un bronze titré. La problématique sera la compréhension des terres et des dégraissants, la température de décirage et de coulée et enfin la réutilisation des pieds d'Osiris pour une deuxième coulée.

  

Lieu 

Archéosite et Musée d'Aubechies - Beloeil / Rue de l'Abbaye, 1y - 7972 Aubechies (BELGIQUE)

 

Réservation

Pourriez-vous via le doodle me dire quand vous viendrez et combien vous serez (une inscription par personne), je vous en remercie.

  

Très cordialement,

 Georges Verly

 0485 637 102

gverly@ulb.ac.be

http://eacom.be/wp/

 

 

 

________________________________________

 

In het kader van het onderzoeksproject EACOM organiseren we verschillende experimentele sessies in augustus en september 2015.

Zondag 16 augustus

Deze dag wordt gewijd aan de voorbereiding van de aarden en wassen gietvormen, aan het gieten van koperen beitels en aan de fusie van koper in een Midden Rijk oven. Dankzij de experimenten van 2014 en 2015 gaan we de fusie-oven herbruiken om een grote hoeveelheid koperen beitels te maken. Ze zullen worden gehamerd-gebeiteld en vervolgens worden gebruikt om stukken uit hout te snijden. Ze zullen eveneens aangewend worden om koper te versnijden en steen te houwen. Wat betreft de gietvormen van de Osiris beeldjes, deze zullen voorbereid en opgesteld worden volgens de richtlijnen van de universiteit van Bonn (Egyptologie met het Egyptisch Museum van Bonn).

Weekends van 5-6 en 12-13 September, Zondag 20 en 27 September.

Tijdens de maand september leggen we ons uitsluitend toe op het ontwassen-bakken van de gietvormen en vervolgens op het gieten van de Osiris beeldjes in brons. De vraagstelling betreft het begrijpen van de gebruikte aarde en magering, de temperatuur voor het ontwassen en het gieten en ten slotte het herbruiken van de voetstukken van de Osirissen voor een tweede gietsel.

Locatie

Archéosite en Musée d'Aubechies - Beloeil / Rue de l'Abbaye, 1y - 7972 Aubechies (BELGIË)

Reservaties

Gelieve via volgende doodle link te melden wanneer u de sessies wenst bij te wonen en met hoeveel personen (één inschrijving per persoon).

Hartelijk dank.

Doodle

 

Met vriendelijke groeten,

Georges Verly

0485 637 102

gverly@ulb.ac.be

http//eacom.be/wp/

 

 

 

 

 

29/07/2015

Assemblée Générale du 26 avril 2015 : Rapport des Directeurs 2015

 

Le 5 décembre 2014, s'est éteinte, à l'âge de 86 ans, notre Haute Protectrice, la Reine Fabiola. En 1965, lors du décès de la Reine Élisabeth, à laquelle nous devons le nom de notre Association, la Reine Fabiola avait accepté le titre de Haute Protectrice, porté jusque-là par la grand-mère de son époux — le roi Léopold III était alors notre Président d'honneur. En 1973, la Reine avait assisté avec beaucoup de gentillesse et de distinction à la célébration académique du 50e anniversaire de notre Fondation.

L'Association déplore en outre le décès, survenu en 2014, de deux de ses membres, MM. Frank Van Groeningen et Joseph Tempels. Ce dernier a joué un rôle essentiel au sein du comité d'accompagnement du Fonds Théodoridès, suggérant d'utiles modifications au fonctionnement du fonds, tout en veillant à ce que fût respecté l'esprit dans lequel avaient agi les généreux donateurs.

L'Association a poursuivi ses activités habituelles, conférences et publications; elle a continué à collaborer, avec le soutien actif du Fonds Théodoridès, au développement de la Bibliothèque des Musées Royaux d'Art et d'Histoire.

 

Conférences

Conformément à la tradition, les conférences, en 2014, ont été réalisées en collaboration avec la Diffusion Culturelle et les Services Éducatifs des Musées Royaux d'Art et d'Histoire. En voici le programme:

  • le 23 février 2014, Grenouilles et crocodiles. Objets et pratiques magiques dans l'Égypte du Moyen Empire, par M. Luc Delvaux 
  • le 23 mars, Le génie du dessinateur Hormin: l'interprétation de deux curieux animaux hybrides de la tombe d'Inherkhâouy à Deir el-Medina, par M. Christian Cannuyer 
  • le 16 novembre, Shades of meaning: the use of polychromy in hieroglyphic inscriptions, par M. David Nunn
  • le 7 décembre, «La-belle-est-arrivée». Le buste de Néfertiti, dit de Berlin: anatomie d'un chef-d'oeuvre de l'art égyptien, par M. Dimitry Laboury
  • Le 27 avril 2014, notre assemblée générale a été suivie d'une conférence par M. David Lorand : Heur et malheur du vizir Montouhotep à Karnak.

 

En outre, le 12 janvier 2014, les membres de l'Association ont été invités à visiter l'exposition "L'art du contour. Le dessin dans l'Egypte ancienne" aux MRAH, sous la conduite de M. Luc Delvaux.

À la fin de l'année, ceux qui le souhaitaient ont participé à une excursion au Musée des Beaux-Arts de Lille, où se tenait une exposition consacrée à Sésostris III. Des activités de ce genre, y compris des visites à d'autres musées étrangers, sont appelées à se développer dans l'avenir.

Signalons encore, bien qu'il s'agisse d'une initiative non de notre Association, mais du Comité des Fouilles belges en Égypte, que le colloque organisé le 25 octobre 2014 aux MRAH sur le thème L'activité archéologique belge en Égypte 2012-2014. Recherches récentes et perspectives a connu un vif succès.

 

Publications

 

Les deux fascicules composant le volume LXXXIX (2014) de la Chronique d'Égypte sont sortis de presse respectivement en juin et en décembre 2014. La section chrétienne et arabe ayant gagné en importance, il a paru judicieux de pourvoir le rédacteur de la section, M. Alain Delattre, qui est coptisant, d'un rédacteur-adjoint expert en papyrologie arabe. Nous avons recruté à cette fin un jeune docteur de l'ULB (il a défendu une thèse de papyrologie le 9 mars dernier), dont la signature est déjà connue dans la Chronique, M. Naïm Vanthiegem.

 

La Bibliographie Papyrologique a été adressée aux abonnés selon le rythme habituel, à raison de cinq envois par an. Pour les mêmes raisons que celles évoquées plus haut à propos de la Chronique d'Égypte, M. Vanthiegem a été incorporé officiellement dans l'équipe rédactionnelle de la BP, à laquelle il apportait déjà depuis quelque temps sa collaboration.

 

Un seul volume est sorti de presse en 2014 dans nos collections. Il s'agit de la réédition, dans la série des Papyrologica Bruxellensia, des Papyrus du Caire jadis publiés par Friedrich Preisigke. Notre collègue néerlandais Rob Salomons a fourni une nouvelle édition, avec traduction et commentaire, de ces papyrus connus depuis longtemps, mais dont la lecture demandait à être actualisée. Les Papyrologica Bruxellensia sortent ainsi de quelques années de léthargie. Une équipe renouvelée est aux commandes, composée de Alain Martin et de Paul Heilporn. Un nouveau volume sera mis en chantier dès que les frais du présent volume auront été couverts par les ventes; il regroupera une série de travaux inédits de Jean Lenaerts relatifs à des papyrus d'Isocrate.

 

Par ailleurs, on prévoit la publication en 2015, dans les Monographies Reine Élisabeth, d'un livre de Mme Catherine Châtelet : L'offrande du collier-menit dans les temples d'époque gréco-romaine.

 

Fouilles

Il n'y a pas eu d'activité archéologique à Elkab en 2014.

 

Représentations à l'étranger des membres du Conseil d'Administration

 

En janvier-février 2014, M. Laurent Bavay a dirigé la 16e campagne de la Mission archéologique conjointe de l'ULB et de l'ULg dans la nécropole thébaine. Comme en 2013, les travaux ont porté en particulier sur l’étude et sur la documentation de la pyramide du vizir Khay. Depuis le mois de juillet 2014, ce programme bénéficie d’un nouveau crédit de recherche accordé par le F.R.S.-FNRS pour une durée de quatre années, sous le titre Paysages funéraires de la nécropole thébaine. Étude pluridisciplinaire de l’évolution d’un cimetière égyptien, de la 18e dynastie à l’Antiquité tardive (15e s. avant J.-C. - 8e s. après J.-C).

En mars 2014, M.  Bavay a également mené une mission d'étude sur le site de Deir el-Medina. Il s'agissait de poursuivre l'étude d'un ensemble inédit de céramiques mycéniennes issu des fouilles conduites sur le site par Bernard Bruyère.  Ce travail s'inscrit dans le cadre du projet Céramiques du Nouvel Empire de Deir el-Medina sous l'égide de l'IFAO.

M. Bavay a donné deux conférences présentant les recherches menées dans la nécropole thébaine: en septembre 2014, à Londres; en novembre, à Milan. Il a participé en décembre à un jury de thèse de doctorat à l’Université de Paris-Sorbonne (Paris IV). Il a siégé en juillet dans la commission d’admission des membres scientifiques de l’IFAO.

On signalera enfin la publication en 2014 des deux premiers numéros d’une nouvelle revue électronique, co-éditée par l’ULB et l’Université de Paris-Sorbonne, sous le titre Nehet. Revue numérique d’Égyptologie. M. Bavay siège dans le comité d’édition de la revue, qui est accessible en ligne gratuitement.

 

M. Willy Clarysse a participé en octobre 2014 à un jury de thèse à l'Université de Rome.

 

M. Alain Delattre a pris la parole lors de quatre colloques à l'étranger : en juin, en octobre et en décembre 2014, à Paris, à l'Ecole Pratique des Hautes Etudes et à l'Ecole Nationale des Chartes ; en septembre à Rome, lors du colloque organisé par l'Ecole Française de Rome sur le thème Les moines autour de la Méditerranée.

L'IFAO a publié en 2014 un ouvrage dont M. Delattre est le co-auteur : Papyrus grecs et coptes de Baouît conservés au musée du Louvre.

M. Delattre a été nommé Directeur d'études à l'École Pratique des Hautes Études, dans la section des Sciences historiques et philologiques. Il y dispense des conférences sur la langue et les sources documentaires coptes. Saluons cette nouvelle marque de reconnaissance décernée à l'étranger à l'un de nos chercheurs. Mais la France est-elle tout à fait l'étranger pour un savant originaire de nos régions ?

 

M. Eric Gubel a siégé dans une commission d'examen à Strasbourg. Il a présenté une communication lors de trois réunions tenues hors de Belgique : en juin-juillet 2014 au Metropolitan Museum de New York (où il a aussi prononcé une conférence en novembre) ; en septembre, en Sardaigne, lors du 8è Congrès international d'études phéniciennes et puniques : en novembre, à Paris.

 

M. Luc Limme a participé à deux réunions à Leyde, en janvier et en novembre 2014, en tant que membre du comité de rédaction de la revue critique Bibliotheca Orientalis.

 

M. Alain Martin  a effectué un bref séjour d'études à Prague, en juin 2014. En août il a représenté l'Association Internationale de Papyrologues lors de l'assemblée générale de la Fédération Internationale des Associations d'études classiques, réunie à Bordeaux.

 

M. Harco Willems a dirigé, en mars-avril 2014, la 13è campagne de fouilles à Dayr al-Barsha, où a été découvert un intéressant masque de momie remontant aux derniers temps de l'Ancien Empire.

Dans un film diffusé sur YouTube, notre collègue se prête avec bonne humeur à la reconstitution de la confection d'un masque de ce genre.

La même campagne a révélé des signes d'occupation de la période amarnienne dans la zone de al-Shaykh Saʽīd.

 

La maison d'édition Brill a publié en 2014 un ouvrage de M. Willems consacré aux nécropoles des élites du Moyen Empire: Historical and Archaeological Aspects of Egyptian Funerary Culture. Religious Ideas and Ritual Practice in Middle kingdom Elite Cemeteries.

 

M. Jean Winand a dispensé un séminaire doctoral à Liverpool, en avril 2014. En juin, il a participé à la 46e conférence égyptologique allemande, à Munich; en décembre, à une réunion consacrée à Genève à 3000 ans d'expresion écrite; le même mois, à un atelier réuni à Paris à propos des négations égyptiennes. En novembre, il a prononcé à Jérusalem une conférence sur les dialectes en égyptien (avant le copte).

 

À la demande de M. Winand, il sera également rendu compte, à partir du prochain rapport directorial, des représentations, non seulement à l'étranger, mais aussi en Belgique des membres du Conseil d'Administration.

 

 

Algemene Ledenvergadering van zondag 26 april 2015 : Verslag van de Directeuren 2014

 

Op 5 december 2014 is op de leeftijd van 86 jaar onze Hoge Beschermvrouwe, Koningin  Fabiola, heengegaan. In 1965, na de dood van Koningin Elisabeth, aan wie ons Genootschap zijn naam te danken heeft, aanvaardde Koningin Fabiola de titel van Hoge Beschermvrouwe die tot dan gevoerd werd door de grootmoeder van haar echtgenoot — koning Leopold III was toen onze Erevoorzitter.

 

Het Genootschap betreurt bovendien het overlijden, in 2014, van twee van zijn leden: de heren Frank Van Groeningen et Joseph Tempels. Laatstgenoemde speelde een belangrijke rol als lid van het begeleidingscomité voor het Fonds Théodoridès; hij stelde nuttige wijzigingen voor i.v.m. de werking van het fonds, maar waakte er steeds over dat deze veranderingen niet indruisten tegen de doelstellingen van de vrijgevige donateurs die de oprichting van het fonds hadden mogelijk gemaakt.

 

Het Genootschap heeft zijn basisactiviteiten, met lezingen en publicaties, voortgezet; met de actieve steun van het Fonds Théodoridès heeft het verder bijgedragen tot de ontwikkeling van de Bibliotheek van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis.

 

Lezingen

 

Traditiegetrouw werd in 2014 een reeks lezingen georganiseerd in samenwerking met de Educatieve Dienst en de Diffusion Culturelle van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis:

  • 23 februari 2014 — Grenouilles et crocodiles. Objets et pratiques magiques dans l'Égypte du Moyen Empire, door de heer Luc Delvaux
  • 23 maart — Le génie du dessinateur Hormin: l'interprétation de deux curieux animaux hybrides de la tombe d'Inherkhâouy à Deir el-Medina, door de heer Christian Cannuyer
  • 16 november — Shades of meaning: the use of polychromy in hieroglyphic inscriptions, door de heer David Nunn
  •  7 december — «La-belle-est-arrivée». Le buste de Néfertiti, dit de Berlin: anatomie d'un chef-d'oeuvre de l'art égyptien, door de heer Dimitry Laboury.
  • Op 27 april 2014 werd onze algemene ledenvergadering gevolgd door een lezing van de heer David Lorand  over Heur et malheur du vizir Montouhotep à Karnak.

 

Op 12 januari 2014 werden onze leden uitgenodigd om, onder leiding van de heer Luc Delvaux, de tentoonstelling “Schrijvers van contouren. Tekenkunst in het Oude Egypte” te bezoeken. Op het einde van het jaar konden zij deelnemen aan een excursie naar het Musée des Beaux-Arts te Rijsel, naar aanleiding van een tentoonstelling over Sesostris III. Het is de bedoeling dat in de toekomst nog andere dergelijke uitstappen naar binnenlandse en buitenlandse musea zullen plaatshebben.

Vermelden we nog dat velen van onze leden aanwezig waren op het succesrijke colloquium dat op 25 oktober 2014 werd georganiseerd door het Comité voor Belgische Opgravingen in Egypte rond het thema Belgisch archeologisch onderzoek in Egypte 2012-2014. Recente resultaten en vooruitzichten.


 

Publicaties

 

De twee afleveringen van deel LXXXIX (2014) van de Chronique d'Égypte zijn respectievelijk in juni en december 2014 verschenen. Wegens de groei van de sectie “Christelijk en Arabisch Egypte” is het wenselijk gebleken om aan de redacteur van deze  sectie, de koptisant Alain Delattre, een adjunct-redacteur toe te voegen die gespecialiseerd is in de Arabische papyrologie. Hiervoor werd beroep gedaan op een jonge doctor van de ULB ­— hij promoveerde in de papyrologie op 9 maart ll. —, de heer Naïm Vanthieghem, van wiens hand reeds verschillende bijdragen in de Chronique verschenen zijn.    

De Bibliographie Papyrologique werd aan de abonnees toegezonden volgens het gebruikelijke ritme, met name vijf afleveringen per jaar. Naar analogie met de redactie-uitbreiding van de Chronique d'Égypte, werd de heer Vanthieghem eveneens opgenomen in de redactiestaf van de BP waaraan hij al enige tijd zijn medewerking verleende.

In onze reeksen is in 2014 slechts één nieuw werk verschenen, met name de heruitgave, in de reeks Papyrologica Bruxellensia, van de Papyri van Cairo die destijds gepubliceerd werden door Friedrich Preisgke. Met dit werk verzorgde onze Nederlandse collega Rob Salomons een nieuwe editie, met vertaling en commentaar, van deze papyri, die al lang bekend zijn, maar aan een actualisering toe waren. Zodoende is de reeks Papyrologica Bruxellensia uit een soort winterslaap ontwaakt. De serie wordt nu geleid door Alain Martin en Paul Heilporn. Een nieuw deel, bestaande uit een aantal onuitgegeven studies van Jean Lenaerts over Isocrates papyri, zal in productie gaan zodra de kosten i.v.m. het huidige boek gedekt zijn door de verkoop.

Overigens verwachten wij vóór eind 2015 de publicatie, in de serie Monographies Reine Élisabeth, van een boek van Mw Catherine Châtelet: L'offrande du collier-menit dans les temples d’époque gréco-romaine.

 

 

Opgravingen

In 2014 hebben geen archeologische opgravingen plaatsgevonden te Elkab.

 

Representatie van de leden van de Raad van Bestuur in het buitenland

 

In januari-februari 2014 leidde de heer Laurent Bavay de 16de campagne van de gezamenlijke archeologische missie van de ULB en de Ulg naar de Thebaanse necropool. Zoals in 2013 waren de werkzaamheden meer in het bijzonder gericht op de studie en het documenteren van de piramide van Chaï. Sedert juli 2014 beschikt dit onderzoeksproject over een nieuw werkingskrediet toegekend door het F.R.S.-FNRS voor de duur van vier jaar. Het is getiteld: Paysages funéraires de la nécropole thébaine. Étudepluridisciplinaire de l’évolution d’un cimetière égyptien, de la 18e dynastie à l’Antiquité tardive (15e s. avant J.-C. - 8e s. après J.-C).

In maart 2014 volbracht de heer Bavay tevens een studiecampagne te Deir el-Medine. Hij heeft er zijn onderzoek voortgezet naar een onuitgegeven ensemble van Myceense keramiek afkomstig uit de opgravingen van Bernard Bruyère op deze site. Dit onderzoek wordt uitgevoerd in het raam van het IFAO-project Céramique du Nouvel Empire de Deir el-Medina sous l’égide de l’IFAO.

De heer Bavay heeft twee lezingen gegeven over de onderzoekingen in de Thebaanse necropool: te Londen in september 2014 en te Milaan in november. In december maakte hij deel uit van een doctoraatsjury van de Universiteit Paris-Sorbonne (Paris IV). In juli had hij zitting in de commissie voor de werving van wetenschappelijke leden van het IFAO.

Ten slotte vermelden we nog het verschijnen, in 2014, van de eerste twee afleveringen van een nieuw elektronisch tijdschrift dat gezamenlijk wordt uitgegeven door de ULB en de Universiteit Paris-Sorbonne onder de titel Nehet. Revue numérique d’Égyptologie. De heer Bavay zetelt in het redactiecomité van dit tijdschrift, dat gratis toegankelijk is op de website

 

De heer Willy Clarysse heeft in oktober 2014 deel uitgemaakt van een doctoraatsjury van de Universiteit van Rome.

 

De heer Alain Delattre heeft referaten gehouden tijdens vier colloquia in het buitenland: in juni, oktober en december 2014 in Parijs, aan de École Pratique des Hautes Études en aan de École Nationale des Chartes; in september te Rome, op het colloquium georganiseerd door de École Française de Rome rond het thema Les moines autour de la Méditerranée. Het IFAO publiceerde in 2014 een boek waarvan de heer Delattre coauteur is: Papyrus grecs et coptes de Baouît conservés au musée du Louvre.

De heer Delattre werd aan de École Pratique des Hautes Études, sectie “Sciences historiques et philologiques tot “Directeur d’études” benoemd. Hij geeft er colleges over de koptische taal en documentaire bronnen. Deze buitenlandse waardering voor een van onze wetenschappers vervult ons met trots. Maar is Frankrijk wel echt een vreemd land voor een geleerde uit onze regionen?

 

De heer Eric Gubel zetelde in een examencommissie te Straatsburg. Hij deed mededelingen tijdens drie bijeenkomsten buiten België: in juni-juli 2014 in het Metropolitan Museum te New York (waar hij ook een lezing hield in november); in september in Sardinië, op het 8ste “Congrès international d’études phéniciennes et puniques”; in november te Parijs.


De heer Luc Limme heeft in januari en november 2014 deelgenomen aan twee vergaderingen te Leiden in zijn hoedanigheid van lid van het redactiecomité van het recenserend tijdschrift Bibliotheca Orientalis.


De heer Alain Martin was in juni 2014 voor een kort studieverblijf in Praag. In augustus vertegenwoordigde hij de “Association internationale de Papyrologues” op de algemene vergadering van de “Fédération Internationale des Associations d'études classiques” te Bordeaux.


De heer Harco Willems leidde in maart-april 2014 de 13de opgravingscampagne te Dayr al-Barsha, waar een interessant mummiemasker uit het einde van het Oude Rijk werd ontdekt. In een You Tube-filmpje is te zien hoe onze collega zich met zin voor humor leent tot het vervaardigen van een masker van dit type.

Dezelfde opgravingscampagne heeft sporen van een nederzetting uit de Amarnaperiode aan het daglicht gebracht in de zone van al-Sjaych Saʽīd.

De uitgeverij Brill publiceerde in 2014 H. Willems’ boek over de elitebegraafplaatsen van het Middenrijk: Historical and Archaeological Aspects of Egyptian Funerary Culture.

Religious Ideas and Ritual Practice in Middle kingdom Elite Cemeteries

 

De heer Jean Winand gaf in april 2014 een doctoraal seminarie te Liverpool. In juni nam hij deel aan de 46ste “Ständige Ägyptologenkonferenz” in München; in december woonde hij in Genève een bijeenkomst bij gewijd aan 3000 ans d'expresion écrite; in dezelfde maand nam hij in Parijs deel aan een workshop over de negaties in het Oudegyptisch. In november hield hij in Jeruzalem een lezing over de Egyptische dialecten (vóór het koptisch).

Op verzoek van de heer Winand zal vanaf het eerstvolgende jaarverslag der directeuren niet alleen gerapporteerd worden over de representatie van de leden van de Raad van Bestuur in het buitenland, maar ook in België.